top of page

''Zij kunnen niet wegzappen''

26 aug
2 minuten om te lezen

Eergisteren vierde Oekraïne zijn Onafhankelijkheidsdag. Normaal gesproken is zo'n dag een feestdag. Vlaggen buiten, muziek, mensen op straat en vooral vieren dat je in een vrij land woont. Maar voor Oekraïne heeft die dag inmiddels een heel andere betekenis. Want hoe vier je onafhankelijkheid als er iedere dag mensen sterven om die onafhankelijkheid te behouden?


Wij komen al jaren in Oekraïne en een van de vreemdste dingen die we daar hebben gezien, is dat zelfs oorlog went. Het voelt bijna normaal. Het luchtalarm gaat en mensen lopen gewoon door. Winkels blijven open. Kinderen gaan naar school, maar weten wel precies waar de schuilkelder is. Er klinkt ergens een explosie, je kijkt iets later op je telefoon wat er geraakt is en gaat daarna gewoon weer verder. Dat is bizar.


Maar wij merken het zelfs bij onszelf. Vier jaar geleden stonden we bij ieder luchtalarm op scherp. Inmiddels zijn we eraan gewend en passen we onze plannen er niet meer op aan. Een Russische raketaanval waarbij een paar jaar geleden de halve wereld geschokt naar het journaal keek, is tegenwoordig niet meer dan een klein berichtje. Als we lezen dat er drie, vijf of tien mensen zijn omgekomen, denken we heel even: wat verschrikkelijk. En daarna gaan we verder met ons eigen leven. Je kunt niet vierenhalf jaar lang iedere dag door het nieuws geschokt zijn.


Maar er is één groot verschil. Wij kunnen het journaal uitzetten. Wij kunnen wegkijken. Zij kunnen dat niet.

Voor Oekraïners zijn die drie of vijf doden geen getallen in een nieuwsbericht. Het is iemands vader. Iemands dochter. Een collega. Een buurman. Een vriend.


Wij weten inmiddels helaas hoe dat voelt. We hebben kennissen en vrienden verloren. Sindsdien zijn berichten over slachtoffers voor ons anders geworden. Oorlog is dan geen kaartje meer waarop het front weer een paar kilometer is verschoven. Geen getal onderaan een nieuwsbericht. Oorlog heeft namen. Gezichten. En herinneringen.


En er zijn in Oekraïne inmiddels verschrikkelijk veel families voor wie dat geldt. Daarom heeft die Onafhankelijkheidsdag voor mij een heel andere betekenis gekregen. Oekraïners vieren niet alleen dát ze onafhankelijk zijn. Ze vieren vooral dat ze dat nog steeds zijn. Omdat er iedere dag mannen en vrouwen zijn die bereid zijn daarvoor een verschrikkelijk hoge prijs te betalen.


We zeggen vaak dat wij Oekraïne helpen. We sturen geld, wapens, ambulances en humanitaire hulp. Wij sturen geld maar zij sturen hun zonen, broers of vaders.


En natuurlijk vechten zij in de eerste plaats voor hun eigen land, hun eigen gezin en hun eigen vrijheid. Maar ondertussen houden ze ook een agressor tegen die heeft laten zien dat grenzen en de onafhankelijkheid van andere landen voor hem niet heilig zijn.


Daarom vind ik het ongemakkelijk wanneer Oekraïners óns uitgebreid bedanken voor onze hulp. Begrijp me niet verkeerd: die hulp is ontzettend belangrijk en moet doorgaan. Maar dankbaarheid moet vooral de andere kant op.


Vandaag rijden wij weer naar Oekraïne. En ook deze reis zullen we ergens iemand tegenkomen die zegt: “Thank you for helping Ukraine.”

Maar wij zouden moeten antwoorden: “Nee. Dank jullie wel.” Omdat jullie na vierenhalf jaar nog steeds niet hebben opgegeven. Omdat jullie nog steeds bereid zijn te vechten voor iets wat voor ons zo vanzelfsprekend is geworden dat we er nauwelijks meer bij stilstaan.


Onafhankelijkheid.

 
 
bottom of page